ZIEHEN, Theodor
Duits wijsgeer en psycholoog, * Frankfort am Main 12.11.1862
Hij was achtereenvolgens hoogleraar in de psychiatrie te Jena, in de psychologie te Utrecht (1900-1903), Halle en Berlijn, en van 1917-1930 in de filosofie en psychologie te Halle. Ziehen vertegenwoordigt een psychologisch positivisme en beschouwt de kennistheorie als de fundamentele wetenschap.
Hij deelt de kennisfuncties in, in gewaarwordingen en voorstellingen, die geen boven het psychische uitgaande werkelijkheid aangeven. Tenslotte wordt deze psychische werkelijkheid nog verder herleid tot een fysiologie van de hersenen; hij aanvaardt een partieel parallelisme tussen gewaarwordingen en hersenprocessen. In de logica nadert hij sterk de associatie psichologie; de aesthetica heeft volgens Ziehen de taak te onderzoeken door welke bijzondere kenmerken het aethetisch lustgevoel zich onderscheidt van de andere lustgevoelens
Bibl.: Leitfaden der physiologischen Psychologie (1891, (12) 1924) Psychiatrik (1834 (2)1907); Erkentnistheorie auf physikalischer und psyschophisiologischer Grundlage (1912, (2)1907) Die Grundlagen der Psychologie (2 dln. 1915) Lehrbuch der Logik (1920); Grundlagen der Naturphilosophie (1922); Vorlesungen über Aesthetik (1923).: Grundlagen der Charakterologie (1930) autobiografie in: Die Philosophie der Gegenw. in Selbstdarst. IV (1923).
LITT.: O. Flügel. Z, und die Metaphisik (1916)) Festschr. für Th. Z. in: Zeitschr. Für Psychologie (1932).