CAMARGO, Marie
Frans danseres van Spaans/Italiaanse afkomst (1710-1770)
eigenlijk: Marie-Anne de Cupis de Camargo.
* Brussel 15.4.1710 – Parijs 28.4.1770.
(Onder: een lithografie van Lanté en Gatine – Museum van Scalatheater te Milaan)
Zij was een van de grootste sterren van haar tijd: zowel Voltaire als J.-G. Noverre schreef over haar, zij inspireerde de damesmode en schotels van beroemde koks, schilders als J.-M. Nattier en M.-Q. de la Tour beeldden haar af, M. Petipa maakte als eerbewijs het ballet Camargo (1872, muziek van L. Minkus). ‘La Camargo’ maakte in 1726 een sensationeel debuut bij het Parijse Operaballet, waar zij een jaar later een vurige en fameuze concurrentiestrijd zou aangaan met M. Sallé. In 1734 trok zij zich terug van het toneel, als maîtresse van de graaf van Clermont, maar keerde in 1741 terug om tot haar pensionering in 1751 triomfen te vieren in 78 balletten. Hoewel geen opvallende schoonheid, was La Camargo beroemd om haar charme, temperament en vooral haar briljante techniek: zij was de eerste vrouw die sprongen kon uitvoeren, met name entrechats (kuitenflikkers), waarvan tot dan was aangenomen dat deze alleen in het vermogen van mannen lagen. De mogelijkheid hiertoe schiep zijzelf als vernieuwster van het vrouwelijk danskostuum: door het danskleed in te korten tot boven de enkels en de hakken van de schoenen te halen, vergrootte zij de bewegingsvrijheid.